Tech2B Blog

Prestaties van Ketens: De Drijfveer achter Digitalisering

Tech2B John Blankendaal | Sjors Hooijen - Prestaties van Ketens - De Drijfveer achter Digitalisering

Digitalisering is onmisbaar in de maakindustrie om de wendbaarheid en efficiëntie te vergroten; om te blijven produceren in een tijd van krappe arbeidsmarkten, en om duurzaamheidsdoelen te halen, zoals de Europese doelstellingen op het gebied van hergebruik en recycling. Digitalisering is bovenal cruciaal voor de toekomst van de toeleverketens rond OEM's (Original Equipment Manufacturers). “Het succes van OEM's wordt gedreven door de performance van de hele keten. Je moet daarvoor informatie uitwisselen. Dat is een belangrijke drijfveer achter digitalisering”, zegt John Blankendaal, directeur Brainport Industries. Sjors Hooijen, CEO van Tech2B, merkt op dat toonaangevende Nederlandse bedrijven zoals ASML, VDL Groep en NTS succes hebben behaald door goed samen te werken. Hij benadrukt de noodzaak om verder te gaan dan alleen mensen die samenwerken en het probleem aan te pakken van software en tools die niet met elkaar verbonden zijn. Hooijen pleit voor een meer verenigde en digitaal gerichte manier van samenwerken.

Ondernemers uit MKB-maakbedrijven delen op sociale media trots foto’s van hun nieuwe machine, of hun cobot of robot. Een upgrade van hun ERP systeem schuiven ze echter liever door naar volgend jaar. Dit kan komen doordat het financieren van investeringen in digitalisering moeilijker is dan het aantrekken van geld voor hardware. Maar waarschijnlijk stellen ze investeringen in digitalisering eerder uit, omdat ze zich onvoldoende bewust zijn van de noodzaak zowel als het rendement hiervan. 

Verbonden waardeketens

John Blankendaal, directeur Brainport Industries, herkent dit beeld. Daarom is hij blij met de projecten vanuit de Europese Unie om het MKB te ondersteunen bij de transitie naar meer digitaal verbonden ketens. Geen enkel maakbedrijf ontkomt er namelijk aan om te digitaliseren. Daar zijn meerdere redenen voor. De logische reden is dat de systemen van OEMs complexer worden en zij in een internationaal speelveld sneller moeten reageren. Dan zijn via digitalisatie verbonden ketens noodzakelijk. “Je ziet nu initiatieven dat PDM (Product Data Management) over hele ketens gaat. Als dat zover is, moeten we daar klaar voor zijn”, zegt John Blankendaal. Als leverbetrouwbaarheid cruciaal is, zul je actuele informatie moeten hebben over wat er voor je in de keten gebeurt. En als een OEM snel moet reageren, is het niet langer voldoende dat alleen de Tier 1 toeleverancier digitaal verbonden is. Dat geldt net zo goed voor de toeleverketens van de Tier 1. En dat zijn over het algemeen de MKB-maakbedrijven. Slimmer werken is een andere reden om te digitaliseren. Dat is het concept van de digital factory: met minder mensen meer doen zodat de OEE (Original Equipment Effectiveness) van machines op een hoger niveau komt. 

Duurzaamheid en digitalisering

Er is nog een derde reden waarom volledige waardeketens digitaal gekoppeld moeten worden: sustainability. John Blankendaal: “Duurzaamheid is een belangrijk element. De overheid werkt aan wetgeving, zoals CSRD en CO2 wetgeving. De EU zet in op meer re-use en recycling van materialen en voert daarom een Digitaal Product Paspoort in.” Data zijn de brandstof voor deze initiatieven. Wanneer OEM's zoals ASML, Philips e.a. jaarlijks moeten rapporteren over de CO2 emissie in scope 3, de indirecte emissies in de hele waardeketen, moeten alle toeleveranciers gaan rapporteren over hun CO2 footprint. “Door de hele keten heen”, benadrukt John Blankendaal. “Daar heb je data voor nodig. Zodra deze rapportage er komt, ontkom je niet aan digitalisering.” De CSRD-wetgeving omvat nog meer gegevens, zoals informatie over waar je grondstoffen of halffabricaten vandaan komen, of er bij de productie ervan geen kinderarbeid of dwang heeft plaatsgevonden; informatie die alle partijen in de keten moeten aanleveren. “En waarvoor het handig is als dit gestandaardiseerd en digitaal gebeurt”, meent Blankendaal. 

Re-use en re-manufacturing

Europa wil voor grondstoffen minder afhankelijk zijn van regio’s buiten het eigen continent. Mee daarom wordt ingezet op re-use en re-manufacturing. In de Brainport regio doen momenteel de eerste Tier 1 suppliers ervaring op met modules uit machines die terugkomen en waarvan componenten in nieuwe machines worden hergebruikt. Dit heeft consequenties voor de afspraken die in de keten gelden. Bijvoorbeeld: wat te doen met Technische Product Documentatie (TPD) die zegt dat je geen wijzigingen mag aanbrengen? De Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM) heeft een roadmap re-use en re-manufacturing opgesteld. Hierin wordt ook gekeken naar het doortrekken van dit concept naar tweede- en derdelijns toeleveranciers. “Re-use is een gezamenlijke verantwoordelijkheid; we hebben nog lang niet alles opgelost. Digitalisering is hierbij onmisbaar, bijvoorbeeld voor track and trace van componenten, informatie over hoe ze gebruikt zijn, de levensduur, et cetera”, legt John Blankendaal uit.  

Laagdrempelig voor het MKB

Brainport Industries is al langere tijd betrokken bij zowel nationale als Europese projecten als het om databeheer, - opslag en -verwerking gaat. Met het Smart Connected Supplier Network (SCSN), door de industrie zelf ontwikkeld in een van de Smart Industry Fieldlabs, loopt Nederland internationaal voorop. Inmiddels gebruiken zo’n 500 MKB bedrijven SCSN om digitaal informatie uit te wisselen met ketenpartners. Hiermee maakt Brainport Industries weer deel uit van Europese netwerken. De early adopters zien volgens John Blankendaal de meerwaarde doordat data-uitwisseling de transparantie over de hele keten vergroot. SCSN heeft er bewust voor gekozen om het gebruik laagdrempelig te houden, zodat ook kleinere bedrijven mee gaan doen. Het blijft echter complex voor de meeste bedrijven. “Als je normaal over 5-assers praat en het gaat dan opeens over dataspaces, dan kun je niet meer terugvallen op kennis die je in huis hebt.” Daarom pleit hij voor een stap-voor-stap aanpak. Met vouchers verlaagt men de drempel voor MKB-maakbedrijven om coaches en experts binnen te halen. Ook de zogenaamde service providers, zoals aanbieders van ERP-systemen die zich conformeren aan de SCSN standaard, zijn een laagdrempelige toegang tot digitalisering.

Digitale vaardigheden in het onderwijs

Brainport Industries praat momenteel met het onderwijs om te kijken hoe de digitale vaardigheden in de curricula geïntegreerd kunnen worden. Dat mes snijdt aan twee kanten: het kan de interesse van jongeren voor de maakindustrie aanwakkeren én de bedrijven krijgen straks nieuwe medewerkers die over de digitale skills beschikken die nodig zijn. John Blankendaal: “We moeten de doelgroep duidelijk maken dat ICT meer is dan een algoritme ontwikkelen op de Amsterdamse Zuidas. Hier hebben we ICT nodig om de hightech workflow te monitoren en aan te sturen, wereldwijd want die bedrijven hebben we hier. Je kunt bij de bank gaan werken en dan neemt AI je baan over enkele jaren over. Of je komt in onze sector werken waar je kunt pionieren en uitvinden.” 

Europese of Amerikaanse dataspaces

Digitalisering gaat dus z’n stempel op de maakindustrie drukken. En iedereen moet mee, ook de kleinere maakbedrijven. Want alleen als fouten uit de hele keten worden weggehaald, verbetert de performance van de keten. Tot nog toe wordt de markt voor het data delen en data opslaan gedomineerd door Amerikaanse partijen zoals AWS (Amazon), Google en Microsoft. De EU wil hier minder afhankelijk van worden. Daarom zijn in Duitsland initiatieven gestart zoals Gaia X, Catena X en Manufacturing X. Gaia X is het Europees initiatief dat over data en cloud diensten in meerdere sectoren gaat; Catena X is een soortgelijk initiatief voor de automotive industrie en Manufacturing X is dan weer specifiek gericht op de komst van data gestuurde productie. Met SCSN werkt Brainport Industries eraan om hierop aan te sluiten. John Blankendaal vindt dat Nederland met SCSN heeft laten zien waar je kunt komen als je dit soort initiatieven van onderop, dus vanuit de industrie ontwikkelt. Volgens hem loopt Europa voorop als het om veilige en soevereine data spaces gaat, waarin de maakbedrijven de baas blijven over hun data. Dat sectoren hun eigen data spaces hebben, is geen bezwaar. “Zolang ze maar interoperabel zijn. Zolang de bouwblokken gestandaardiseerd en uitwisselbaar zijn.”

 

Nog geen reacties

Laat ons weten wat je denkt